Wanneer er sprake is van een verstoorde relatie tussen ouder en kind en wanneer blijkt dat het kind hierdoor onvoldoende basisvertrouwen ontwikkeld heeft, kunnen ouders en kind in aanmerking komen voor ouder-kind-therapie.
Bij deze therapie wordt gebruik gemaakt van bewegingsvormen. Door middel van het stimuleren van lichamelijk contact leert het kind zich toe te vertrouwen aan de ouders ook op momenten dat het boos of verdrietig is. De ouders leren signalen van hun kind te herkennen en er adequaat op te reageren. Deze therapie wordt uitgevoerd door de kinderfysiotherapeut in nauwe samenwerking met de ouderbegeleider. Tijdens de behandelingen worden video-opnames gemaakt. Deze opnames worden door de ouderbegeleider en de fysiotherapeut samen met ouders bekeken en besproken.