Binnen de MOD werken 2 gedragswetenschappers; een orthopedagoog en een psycholoog. Zij zijn gespecialiseerd in opvoedingsproblemen en ontwikkelingsstoornissen bij kinderen. Deze kunnen heel verschillend zijn: slecht slapen of eten, contactproblemen, moeilijk gedrag, niet kunnen spelen of moeilijk met anderen kunnen spelen, enzovoort. Zowel kind- als ouderfactoren kunnen hierbij (op elkaar) van invloed zijn.
Door observatie, onderzoek en overleg met groepsleiding proberen de gedragswetenschappers zich een beeld te vormen van ontwikkelings- en opvoedingsproblemen. Zij geven advies om met deze problemen om te kunnen gaan en/of deze te verminderen.
De gedragswetenschappers adviseren de groepsleiding die het kind behandelen. Ook kunnen er adviesgesprekken met de ouders worden gehouden.
Veel kinderen die op de MOD komen, krijgen een psychologisch onderzoek. De gedragswetenschapper doet dit door het kind te observeren en door verschillende testen of vragenlijsten af te nemen. Hierdoor ontwikkelt zich een bepaald beeld waarin gezien kan worden wat het kind verstandelijk en emotioneel wel en niet aankan, hoe het contacten legt enzovoort. Op deze manier dragen zij veel basismateriaal aan, waarmee de groepsleiding en de behandelaars verder kunnen.
De gedragswetenschappers van het MOD vervullen ook de rol van behandelcoördinator.